Stroom

De hoeveelheid elektronen die in een seconde door een elektrische leiding vloeit (stroomt) is de stroomsterkte.

Om die stroomsterkte te bepalen gebruiken we de meeteenheid ampere, afgekort A, genoemd naar de Franse natuurkundige Andre Marie Ampere. De Meeteenheid 1 ampere (1 A) geeft een onvoorstelbaar grote hoeveelheid elektronen aan – meer dan 6 triljoen – die in 1 seconde de leiding passeren.

Deze stroomsterkte is aanwezig als men bijv. een lamp van 200 watt inschakelt bij een spanning van 200 volt (over de meeteenheid watt zullen we het later nog hebben). Zulke en nog sterkere stromen komen voor in het elektriciteitsnet in ieder woonhuis. Bij de elektronica is men over het algemeen zuiniger met de elektronen want hier gebruikt men meestal stromen die duizend of een miljoen maal kleiner zijn dan 1 ampere.

Om wat makkelijker over deze zwakke stromen te kunnen spreken noemt men het duizendste deel van een ampere een milliampere, afgekort 1 mA, en het miljoenste deel van een ampere wordt aangeduid als microampere, afgekort 1 uA. 1A = 1000 mA = 1.000.000uA 1mA = 1000 uA.